Waarom zijn bananen krom

De laatste tijd gaan mijn gedachten regelmatig terug naar een raar voorval uit mijn middelbare schooltijd. Op een cultuurdag moest ik met een groepje andere kinderen een ‘dada-gedicht’ maken (het dadaïsme was een provocerende kunstbeweging, die ontstond als reactie op de verschrikkingen van de Eerste Wereldoorlog). De aanpak was als volgt: knip uit een krant losse zinnen die je op een of andere manier aanspreken en plak deze in een willekeurige volgorde onder elkaar. Het resultaat: een nietszeggende golfslag van woorden, wars van iedere logica.

Aan het einde van deze knutseldag moesten alle leerlingen samenkomen om hun creaties te presenteren. Mijn groepsgenoten, die vooral nietszeggende herrie wilden produceren, voorzien van elektrische gitaren, ik op mijn beurt gewapend met alleen mijn stem. Het zal niemand verbazen dat ik de tekst niet meer kan reproduceren (we zijn nu ruim 25 jaar later), maar de openingszin weet ik nog wel heel goed: ‘Er zwemt een vis in mijn hoofd’. 

Het publiek reageerde niet, zoals gehoopt, met stomheid geslagen, maar in het geheel niet, waardoor eerder wij het waren die in stomheid achterbleven. Nu ik vandaag terugkijk op dit vreemde optreden, kan ik haast wel zeggen dat de totale onbegrijpelijkheid van ons optreden en de apathische blikken van ons publiek, niet op een falen wijzen, maar eerder een klinkende zege waren. De zege van de totale betekenisloosheid. Dada. Dada.

Sinds enkele weken wint deze herinnering in mijn hoofd aan levendigheid. Als ik probeer hiervoor een verklaring te vinden, kom ik uit bij hetzelfde gevoel van onbegrijpelijkheid dat mij de laatste weken steeds vaker overvalt. De persconferenties van de regering Rutte klinken mij in de oren als dadaïstische gedichten. Je hebt geen idee meer waar je naar luistert en vermoedt dat woorden en zinnen los van elkaar zijn geraakt (‘1,5 meter nieuw normaal dada dada’).

De actiegroep Viruswaanzin, die zich terecht om onze kwijnende grondrechten bekommert, riep vandaag op voor de deur van rechtbanken in Nederland bananen neer te leggen (eerder deze week verloren zij een kort geding tegen de Staat, erop gericht de 1,5 meter beperkingen op te heffen). De aanblik van het kromme fruit op de deur van ons gerechtsgebouw, met het bijschrift ‘wanneer het recht krom is’, bezorgde mij vanavond opnieuw een dada-Erlebnis. 

Thuisgekomen schreef ik tenslotte dit gedicht, waarvan het eerste vers, zo bedacht ik later, ook de sporen van 25 jaar geleden draagt:

Er is een vogel in mijn hoofd gevlogen,
een vogel met klaroen-gele veren.
Er is een vogel in mijn hart ontwaakt.
Elke keer wanneer het draaiorgel
van de wereld zijn barse tonen uitbraakt,
ga ik op zoek naar de vogel die in mijn
binnenste mijngangen waakt.
Er is een vogel die mijn hart bewaakt,
een vogel met klaroen-gele veren.

Eén reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s